Daarom heeft het kabinet in het veiligheidsberaad van 28 maart jl. aangekondigd dat het COA op korte termijn deze periode - vooruitlopend op de definitieve huisvesting in gemeenten - maximaal 20 vergunninghouders per gemeente onder zal brengen in hotels en andere accommodaties in de gemeenten die verantwoordelijk zijn voor hun huisvesting. Dit is ook besproken aan de LRT van 4 april 2022.

Er is door het COA een plan van aanpak opgesteld om deze maatregel uit te voeren, dat nog nader wordt uitgewerkt. Dit geldt ook voor de maximale termijn van de maatregel. Hieronder tref je de kern daaruit aan. Dit betreft een dynamisch overzicht, eventueel voortschrijdend inzicht wordt in nieuwere versies verwerkt.

Opvangplekken realiseren

Het COA neemt contact op met de desbetreffende gemeenten over het plaatsen van de aan hen gekoppelde statushouders in hotels en andere accommodaties. Deze plaatsing wordt geregeld door het COA en gemeenten worden hiervan op de hoogte gesteld. Indien een gemeente aangeeft het plaatsen van de statushouders zelf te willen organiseren, dan is dat uiteraard mogelijk. Ook worden nadere afspraken gemaakt over begeleiding, zie hieronder. Het COA draagt zorg voor het verblijf van de vergunninghouder in het hotel of een andere accommodatie totdat de gemeente in huisvesting heeft voorzien.

Doelgroep

Het gaat om een groep vergunninghouders die op 30 maart 2022 al langer dan veertien weken na vergunningverlening wachtte op huisvesting in een Nederlandse gemeente. Per gemeente gaat het om maximaal twintig vergunninghouders.

Inburgering en begeleiding op locatie

Het COA neemt contact op met de desbetreffende gemeenten, zodat gemeenten hun wettelijke regiefunctie inzake het inburgeringsproces kunnen uitoefenen. Ook bespreekt het COA met gemeenten of het mogelijk is gezamenlijk praktische afspraken te maken over bijvoorbeeld het aanbieden van begeleiding op de locatie (mogelijk via derden).

Hoe verhoudt dit zich tot de taakstelling?

De vergunninghouder die in het hotel en of de accommodatie verblijft, telt niet mee voor de taakstelling, totdat de gemeente in de huisvesting heeft voorzien of een alternatief voor huisvesting heeft georganiseerd. Vanuit deze maatregel kunnen gemeenten de statushouders regulier huisvesten, (tijdelijk) huisvesten in een tussenvoorziening of gebruik maken van de Hotel- en Accommodatie regeling (HAR).

Samenhang met de hotel- en accommodatieregeling (HAR)

Deze eenmalige maatregel moet niet verward worden met de Hotel- en accommodatieregeling (HAR). Voor of na plaatsing door het COA in een hotel of accommodatie in de gemeente, kunnen gemeenten bij het COA aangeven dat zij gebruik willen maken van de HAR.

Q&A’s voor met name gemeenten

Hoeveel vergunninghouders betreft het maximaal?

  • Per gemeente zal het gaan om maximaal 20 vergunninghouders.

Welke vergunninghouders worden geselecteerd?

  • Bij de selectie van vergunninghouders wordt uitgegaan van de langst verblijvenden.
  • Gezinnen met schoolgaande kinderen zijn niet noodzakelijkerwijs uitgesloten van deze versnelde uitstroom. Dit omdat de druk op de opvangcapaciteit groot is en de daardoor zeer korte termijn waarop deze actie moet worden afgerond. Dit kan zelfs betekenen dat, zoals wel bij reguliere uitstroom het geval is, gezinnen die het betreft eventueel buiten de schoolvakanties om worden verhuisd. In dit geval zullen met de betreffende gemeente en het gezin maatwerkafspraken worden gemaakt.
  • Om lastige situaties bij de (hotel)accommodaties te voorkomen zijn huishoudens vanaf 8 personen of die aangepaste woonruimte nodig hebben, uitgesloten van selectie.

Welke gemeenten komen in aanmerking?

  • Gemeenten die op 1 januari 2022 een achterstand hebben in de realisatie van de taakstelling worden als eerste benaderd.

Wat moet ik als gemeente doen?

  • De gemeente wordt door het COA geïnformeerd welke statushouders op welk moment worden geplaatst. Daarbij wordt ook besproken in welk hotel of welke accommodatie de statushouders worden geplaatst en wie deze opvangplekken realiseert. De gemeente zelf of het COA.
  • Als de gemeente dat wil kan het COA de (hotel)accommodatie regelen. Bij het COA is een centraal punt ingericht voor die boekingen.
  • De gemeente bepaalt samen met het COA hoe de opvang en begeleiding wordt vormgegeven.

Hoe wordt de gemeente benaderd?

  • Regievoerders van het COA benaderen de gemeenten met een overzicht van de betrokken vergunninghouders om afspraken te maken over het plaatsingsproces en wanneer de vergunninghouders arriveren.
  • Er is een reactietermijn voorzien van twee werkdagen.

Welke kosten worden vergoed?

  • De kosten voor verblijf in het hotel of de accommodatie komen voor rekening van het COA.
  • Indien COA zelf de plaatsing regelt, zullen er geen kosten voor verblijf voor gemeenten zijn.
  • Indien gemeenten de plaatsingen zelf willen organiseren en zelf een hotel of accommodatie wil regelen, kunnen gemeenten de kosten voor verblijf indien bij het COA.
  • Onder verblijf wordt verstaan:
    • Overnachtingskosten
    • Ontbijt, lunch, avondeten & drinken (indien er geen gelegenheid is tot zelf koken)
    • Leefgeld
  • Deze éénmalige maatregel staat los van de Hotel- en Accommodatieregeling (HAR). Gemeenten kunnen dus voor deze plaatsingen geen kostenvergoedingen krijgen uit de HAR.

Wanneer tellen de vergunninghouders wel mee voor de taakstelling?

  • Is de gemeente bereid om de in hun gemeente op te vangen statushouders (maximaal 20) direct regulier te huisvesten, te huisvesten in een tussenvoorziening of gebruik te maken van de Hotel- en accommodatie regeling (HAR)? In dat geval is sprake van beëindiging van opvang door het COA, gaat de verantwoordelijkheid over naar de gemeente en telt de vergunninghouder mee voor de taakstelling. Als voorgaande op een later moment wordt georganiseerd en de verantwoordelijkheid van het COA dus naar de gemeente gaat, telt de vergunninghouder vanaf dat moment mee voor de taakstelling.

Hoe werkt het inburgeringsproces?

  • Onder de nieuwe Wet inburgering 2021 wordt aan gemeenten gevraagd de regie te nemen op het inburgeringsproces vanaf de eerste dag van vergunningverlening. Ook als deze statushouders nog in het AZC verblijft, kan de gemeente die regiefunctie pakken. Er zal door het COA daarom gevraagd worden aan de gemeente om die regiefunctie zo snel mogelijk te pakken voor de aan de gemeente gekoppelde statushouder die door het COA wordt opgevangen in een hotel of accommodatie in de desbetreffende gemeente.

Wie doet de begeleiding op de locaties?

  • Het COA kan niet de begeleiding op de locaties zelf vormgeven. Aan de voorkant worden hierover praktische afspraken met gemeenten gemaakt, dit kan mogelijk via derden worden ingevuld met Vluchtelingenwerk Nederland. In het Plan van Aanpak wordt dit nader vorm gegeven.