De levenslijn staat centraal in de toekomsttraining. Bewoners vertellen over belangrijke gebeurtenissen vanaf hun geboorte tot nu. "Waar halen zij kracht vandaan? En wat vinden ze moeilijk?", zegt Janna. "Deelnemers herkennen elkaars situatie. Zo vertelde een van de bewoners - een 19-jarige jongen - dat zijn broer en vader omkwamen in de oorlog. Hij kreeg meteen steun van de rest van de groep."

De toekomst

Een belangrijke vraag die in de training gesteld wordt is: 'Je toekomst plannen, kan dat alleen in Nederland?’ Frank: "Wij moeten de deelnemers een realistisch toekomstbeeld geven. Mensen komen naar Nederland met hoop. Als ze er eenmaal zijn en het blijkt toch niet te lukken om te blijven, dan krijgen ze te maken met schok en rouw. Ze moeten afstand nemen van hun droom."

Daarom werken de trainers met de rouwcurve. Die bestaat uit de fases: schok, ontkenning, boosheid, onderhandeling, depressie en aanvaarding. Frank: "We vragen de bewoners in welke fase zij zichzelf zien. Veel mensen zeggen dan: depressie. Door middel van die rouwcurve willen we dan ook laten zien dat ze daarna ook in een andere fase terecht kunnen komen, misschien zelfs wel in aanvaarding. Naast dat we tijdens de training ook situaties kunnen signaleren, ontstaat er ook een groepsgevoel onder de deelnemers. En weten zij ook hierna elkaar beter te vinden. Het houdt niet op bij de training."

  • Door middel van beelden kunnen deelnemers hun gevoel (beter) uiten tijdens de training © Mariette Carstens

Bespreekbaar

"Onze deelnemers aan de training zitten vaak lang in een onzekere periode", aldus Frank. "Dit kan emoties oproepen. Soms zijn het mensen met psychische problemen. Dan kan een toekomsttraining nog eens extra afschrikken. Daarom wil het COA het onderwerp toekomst bespreekbaar maken met bewoners. Zo snel mogelijk, zodat ze zich bewust zijn van de fase waarin ze zich bevinden." Ook de International Organization for Migration (IOM) en Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V) zijn verbonden aan de training en vertellen over vrijwillige en gedwongen terugkeer.

Contact maken

Frank en Janna beginnen altijd met persoonlijk contact maken. Janna: "We houden een lange introductie, om elkaar beter te leren kennen. Een actieve oefening om verbinding te maken is de ‘over de streep-oefening’. Dit is een werkvorm waarbij de deelnemers aan de hand van stellingen een stap vooruit zetten. Deze oefening biedt een gevoel van veiligheid en herkenbaarheid. Ook vertellen de bewoners op de eerste dag meer over zichzelf. Ik vraag bijvoorbeeld: ‘Wie is er langer dan 2 jaar in Europa?’. Zo ontstaat er een spontane interactie die gesprekken teweeg brengt. Een voorbeeld is dat ze niet eerlijk zijn tegen hun familie hoe de procedure verloopt. Hier praten we dan open over dat het soms wel beter is om het eerlijke verhaal te vertellen aan het thuisfront. De deelnemers herkennen dit verhaal bij elkaar. Bewoners komen namelijk met één plan hierheen, en dat is hier blijven. Wij willen hen klaarmaken voor een plan B."

  • Frank van Keulen en Janna Broekroelofs, programmabegeleiders azc Luttelgeest © Mariette Carstens

Angst wegnemen

"Het komt voor dat bewoners net het nieuws over de negatieve beslissing hebben gehoord, en dan komt de informatie niet helemaal binnen", aldus Frank. "Ook proberen we de angst voor het COA weg te nemen. Bewoners kunnen denken dat wij de partij zijn die ‘hen weg willen sturen’. Terwijl dat niet onze taak is. Dus leggen we uit hoe de migratieketen werkt." Janna vult aan: "We leven in Nederland in een individualistische maatschappij. We verwachten van bewoners dat ze een proactieve houding aannemen. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het aanleveren van de juiste papieren. Dit is een groot verschil ten opzichte van andere culturen."

De warboel uitpluizen

Hoewel de toekomsttraining in het begin weerstand kan oproepen bij bewoners, zijn over het algemeen de reacties positief. Janna: "Ze kunnen de warboel een klein beetje uitpluizen hier. ‘Had ik deze informatie maar eerder’, horen we weleens. Daarnaast leer ik persoonlijk veel van het geven van deze training. Het geeft een beter beeld wat er op een azc gebeurt. Het is allemaal niet zo zwart-wit." Ook voor Frank is het geven van de training een meerwaarde: ‘We spreken open over het psychische aspect van terugkeer. Dat gebeurt niet in alle culturen. Ook al spreken er maar een paar bewoners over, het kan voor hen al een heel klein lichtpuntje zijn."

Dit artikel verscheen eerder in VreemdelingenVisie 39.