‘Ik ben de koning’

Hoe pak je een overlastgevende vreemdeling aan? Locatiemanager Johanna Hoekman van de extra begeleiding en toezichtlocatie (ebtl) in Amsterdam doet dat met strikte regels én maatwerkbegeleiding. Lees in dit artikel wat zij meemaakte met de eerste bewoner.

Op 15 november 2017 maakte ik kennis met Huseyn. De eerste bewoner van de ebtl. "Ik ben de koning," zei hij. "Jullie betekenen niets en moeten mijn bevelen opvolgen." De man leek verward. Hij vertelde bizarre verhalen en was onvriendelijk tegen iedereen die hij tegenkwam.

Huseyn was een jaar in Nederland. Een alleenstaande man van halverwege de dertig met een afgewezen asielverzoek: hij moest terug naar zijn land van herkomst. In het azc gaf hij steeds meer overlast. Het begon met roken op zijn kamer, maar steeds vaker werd het openbare dronkenschap, diefstal en seksuele intimidatie. Zijn dossier was bij de politie bekend en medebewoners waren bang voor hem.

Na het zoveelste incident op het azc belde de locatiemanager mij: "Ik wil een bewoner aanmelden voor de ebtl. De limiet is bereikt!"

Strikt regime
Ik kwam Huseyn tegen op de gang. Naast hem stond zijn blauwe rugzak met kleding en een paar persoonlijke spullen. Hij zou hier maximaal drie maanden blijven. Ik vroeg hem of hij besefte waarom hij hier was. "Je bent toch niet naar Nederland gekomen om in een ebtl te belanden?" In zijn antwoord gaf hij iedereen de schuld, behalve zichzelf.

Zijn mentor informeerde hem over de strikte regels in de ebtl: "Je meldt je elke dag, staat om acht uur op en volgt een intensief dagprogramma." Het is geen gevangenis, maar zij spraken af dat hij in de eerste fase van zijn programma binnen bleef.

De eerste week verliep rustig. Eenzaam liep Huseyn door het nog lege gebouw. "Ik krijg veel aandacht van jullie," zei hij, "maar ik mis landgenoten om mee praten." Dat hij geen rookwaar kon halen, was een probleem. Hij vond peuken op de binnenplaats en maakte daar nieuwe sigaretten van.

Toen die peuken op waren en er meer bewoners arriveerden, viel hij terug in zijn oude gedrag.  Hij trok de verdeelde aandacht slecht en zocht de fysieke confrontatie op met bewoners.

Potje tafeltennis
"Waarom doe je dit? Wat is er met je aan de hand?" vroegen wij na elk incident. Dat waren lastige gesprekken, want Huseyn had waanideeën en geen zelfinzicht. Toch bleven de medewerkers werken aan zijn gedrag. Hij moest leren hoe je je fatsoenlijk gedraagt, hoe je omgaat met stress en welke keuzes je daarbij hebt.

Hij volgde de training ‘Kiezen voor verandering’ die DJI in gevangenissen geeft. De COA-medewerkers beloonden Huseyn steeds bij gewenst gedrag met een complimentje: "Goed dat je naar de training bent geweest!". Of ze speelden een potje tafeltennis na een goed gesprek. Na een paar weken liet Huseyn positieve veranderingen zien in zijn gedrag.

Wij leerden ook van Huseyn. Niet naar buiten kunnen om sigaretten te kopen, zorgde voor spanning bij bewoners. In december plaatsen we een sigarettenautomaat in de hal en het aantal incidenten nam met de helft af. 

Rustige terugreis
Ons doel is dat een bewoner na drie maanden terug kan naar een regulier azc. Huseyn ging echter al binnen vijf weken vanuit de ebtl terug naar zijn land van herkomst. Eerst wilde hij niet; hij was bang voor de  autoriteiten in zijn land. Toen de Dienst Terugkeer en Vertrek reisdocumenten voor hem kon regelen, werkte hij plotseling enthousiast mee.

Op zijn vertrekdag zat Huseyn om acht uur met zijn rugzak bij de receptie. Hij was zo blij als een kind en zat nog voor het handen schudden in de witte bus van DV&O die hem naar Schiphol bracht.

Vlak voor de kerst landde zijn vliegtuig in het land van herkomst. Ik hoop dat Huseyn daar de hulp krijgt die hij nodig heeft en dat het goed met hem gaat. "Ik waardeer jullie hulp en aandacht," zei Huseyn een week voor zijn vertrek. "Dit was goed voor mij."

In verband met privacy is de naam van Huseyn gefingeerd. Gepubliceerd: februari 2018