"Ik kende alleen het Nederlands Elftal"

Ayham Mardini is woonbegeleider bij het COA in Venray. Hij kan zich als geen ander verplaatsen in bewoners van het azc: in 2013 kwam hij zelf als vluchteling naar Nederland.

Juni 2017

“Ben jij die beroemde acteur, is het eerste dat bewoners vragen als ze mij ontmoeten. Die beroemde acteur is mijn broer, die nog steeds in Syrië woont. Daarna vragen ze of ik vrijwilliger ben bij het COA of stagiair. Als ik vertel dat ik in 2013 naar Nederland kwam en nu een betaalde baan heb als woonbegeleider bij het COA, kunnen ze dat bijna niet geloven.”

Status
Ayham vluchtte drie jaar geleden met zijn vrouw en twee kinderen uit Syrië. Hij reisde eerst met smokkelaars naar Turkije en stapte vervolgens op het vliegtuig naar Nederland. “In het opvangcentrum op Schiphol dacht ik: waar ben ik aan begonnen? Ik kende alleen het Nederlandse voetbalelftal.” Binnen twee weken kreeg het gezin een status. Ze moesten zich drie maanden wekelijks melden in azc Echt en logeerden ondertussen bij vrienden. In augustus 2013 kregen ze hun huis in het Limburgse Vlodrop.

Taal leren
“Ik sprak met mijn vrouw af om in Nederland geen Engels te praten, hoe verleidelijk dat ook was. Toen we ons reisdocument ophaalden in het gemeentehuis in Echt zei ze: ‘Dat kan toch niet in gebrekkig Nederlands.’ Toch hebben we dat gedaan.” In Syrië was Ayham dertien jaar beurshandelaar en elke dag met geld bezig, hier wilde hij vluchtelingen helpen. Hij leerde zichzelf eerst de taal en kreeg in 2014 zijn eerste baan: docentassistent in de mediatheek van  een middelbare school. Daarna gaf hij als vrijwilliger lessen Basaal Nederlands in azc Echt, en kwam hij in oktober 2014 via een uitzendbureau bij het COA terecht.

Snelle start
Begin vanaf dag één met je integratie, zegt Ayham elke dag tegen bewoners. “Voor mijn opleiding hbo Social Work schrijf ik een scriptie over integratie in Nederland. Minder dan de helft van de vergunninghouders haalt zijn inburgeringsexamen in drie jaar. Dat komt doordat asielzoekers pas starten met inburgeren als ze hun status hebben en een huis. Dat is te laat. Ik raad iedereen aan keihard te werken. Elke dag met Nederlanders praten, naar de bieb gaan, tv kijken en radio luisteren. Zo heb ik ook Nederlands geleerd. Ik probeer bewoners in elk gesprek te activeren. Ik vertel dat ze opleidingen en vrijwilligerswerk moeten doen, omdat ze dan meer kans maken op een betaalde baan."

Voorbeeld
In het begin kwamen alle Arabisch sprekende bewoners met vragen naar Ayham. Hij spreekt de taal, kent hun cultuur en kan zich goed in hen verplaatsen. Maar hij kreeg het te druk en moest leren om bewoners door te verwijzen naar collega’s. Dat hij zelf vluchteling is, heeft zeker voordelen. “Ik ben voor veel bewoners een voorbeeld. Natuurlijk zijn er mensen die niet willen en die blijven hangen in het verleden. Hen kan ik niet dwingen om te integreren. Als ik die mensen na hun azc-tijd tegenkom, zijn ze vaak sociaal geïsoleerd. Ze spreken nog steeds de taal niet, hebben geen netwerk en geen baan. Maar veel bewoners zien aan mij hoe belangrijk het is wat je als vluchteling de eerste jaren in Nederland doet. Dat je een baan kunt krijgen als je een doel hebt en daar hard voor werkt.”

 

Nederlands