Een vrouw met  twee kinderen bij een schommel

Tijdens de asielprocedure hebben asielzoekers onder andere recht op opvang en leefgeld.

Asielzoekers

Asielzoekers hebben bij aankomst in Nederland vaak  niet meer bezittingen dan de kleren die zij dragen. Het COA vangt hen op in opvangcentra en zorgt voor basisvoorzieningen. Het recht op opvang bestaat vanaf het moment dat de asielzoeker asiel aanvraagt, tot hij een verblijfsvergunning krijgt of Nederland moet verlaten.

Basisvoorzieningen

Er zijn verschillende soorten opvangcentra, verspreid over het hele land. In een opvangcentrum heeft de asielzoeker toegang tot basisvoorzieningen, zoals onderdak, kook- en wasruimten en computers. Ook krijgt hij wekelijks leefgeld en sluiten we een ziektekostenverzekering voor hem af. De dagelijkse begeleiding is gericht op de fase van de asielprocedure waarin hij zit. Op de centrale ontvangstlocatie (col), de procesopvanglocatie (pol) en de gezinslocaties gelden afwijkende voorzieningen. Waar een asielzoeker recht op heeft staat beschreven in de Regeling verstrekkingen asielzoekers (Rva).

Voor wie?

Het recht op opvang en basisvoorzieningen geldt voor alle asielzoekers in de (eerste) asielprocedure. Asielzoekers die een herhaalde asielaanvraag indienen hebben alleen recht op opvang als zij de Verlengde Asielaanvraag (VA) ingaan. In de wachttijd tot het aanvragen van een herhaald asielverzoek hebben zij geen recht op opvang. Ook zijn er omstandigheden waarbij een asielzoeker het recht op opvang verliest, bijvoorbeeld als hij zich zo misdraagt dat hij tot ongewenste vreemdeling verklaard wordt.

Vertrek uit de opvang

Kort na het beeindigen van de asielprocedure verlaten de (inmiddels ex-)asielzoekers (vergunninghouders en uitgeprocedeerden) onze opvang. Vergunninghouders krijgen woonruimte toegewezen in een Nederlandse gemeente. Opvang op het azc blijft beschikbaar tot de vergunninghouder zijn woning kan betrekken.

Uitgeprocedeerden hebben nog maximaal vier weken recht op opvang in het azc. Als het nodig is kan daar nog maximaal twaalf weken in een vrijheidsbeperkende locatie op volgen. In deze tijd worden de bewoners voorbereid op terugkeer naar hun land van herkomst. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor hun vertrek uit Nederland. Er zijn uitzonderingen op deze regel, bijvoorbeeld als de ex-asielzoeker om medische redenen niet kan reizen.